Light + Building 2026 bevestigt doorbraak van intelligente en geïntegreerde gebouwen
Met bijna 2.000 exposanten en ruim 140.000 bezoekers heeft Light + Building 2026 in Frankfurt haar positie als wereldwijd referentieplatform voor licht- en gebouwtechnologie opnieuw bevestigd. De vakbeurs, die plaatsvond van 8 tot 13 maart, toont een sector in volle transitie naar een geïntegreerd ecosysteem waarin energie, digitalisering en ontwerp samenkomen.
In totaal namen 1.927 exposanten uit 49 landen deel, goed voor 144.767 bezoekers uit 143 landen. Ondanks geopolitieke spanningen en verstoringen in het internationale luchtverkeer, bleef de beurs sterk verankerd in Europa en bevestigde ze haar internationale uitstraling en relevantie. 95 procent van de bezoekers gaf bovendien aan tevreden te zijn en hun doelstellingen te hebben bereikt.
Een van de belangrijkste tendensen op de beurs is de verschuiving van gebouwen als passieve energieverbruikers naar actieve componenten binnen een intelligent energiesysteem. Slimme energiedistributie, geïntegreerd load- en laadbeheer en bidirectioneel laden maken dat gebouwen steeds nauwer verbonden zijn met het elektriciteitsnet en e-mobiliteit. Dit opent nieuwe perspectieven voor energie-efficiëntie en netstabiliteit.
Daarnaast verschuift de aandacht nadrukkelijk naar het bestaande gebouwenbestand. Modulaire en schaalbare oplossingen maken energie-upgrades en renovaties efficiënter en economisch haalbaarder. Digitale plannings- en beheertools, gecombineerd met multifunctionele interfaces, vereenvoudigen zowel installatie als gebruik en dragen bij aan flexibele, toekomstbestendige gebouwen.
De sector wordt vandaag in sterke mate gedreven door elektrificatie en digitalisering, met artificiële intelligentie als versneller. AI-toepassingen maken het mogelijk om gebouwen slimmer te beheren, energieverbruik te optimaliseren en nieuwe businessmodellen te ontwikkelen.
Op de beurs werd dit onder meer tastbaar in toepassingen rond connected building technologies, slimme interfaces en geavanceerde energiesystemen. Daarmee verschuift de focus van afzonderlijke systemen naar geïntegreerde oplossingen waarin data, energie en gebruik centraal staan.
Ook binnen de verlichtingssector is een duidelijke evolutie zichtbaar. Verlichting ontwikkelt zich van een statisch element naar een adaptief, datagedreven systeem. Sensoren, connected armaturen en AI-gestuurde controlesystemen maken een nauwkeurige, vraaggestuurde lichtverdeling mogelijk, afgestemd op aanwezigheid, daglicht en gebruiksscenario’s. Deze flexibiliteit is relevant voor uiteenlopende toepassingen, van residentiële projecten tot retail, hospitality en stedelijke infrastructuur.
Tegelijk blijft licht een essentieel ontwerpelement binnen architectuur en interieur. Nieuwe armaturen, materiaalgebruik en lichtkleuren versterken de ruimtelijke beleving, ondersteunen oriëntatie en verhogen het comfort. De focus op duurzame materialen en circulair ontwerp onderstreept bovendien de langetermijnvisie van de sector.
Naast technologie speelde ook ontwerp een prominente rol. In de Design Plaza werden actuele ontwikkelingen in lichtontwerp en architecturale toepassingen gepresenteerd, terwijl initiatieven zoals The Living Light de impact van verlichting op wonen, werken en welzijn benadrukten. Ook artificiële intelligentie kreeg een centrale plaats, onder meer in de AI Lounge, waar praktijkcases aantoonden hoe digitale tools het ontwerp- en beheerproces van gebouwen transformeren. Met aandacht voor jong talent, onder meer via het ‘Young Design’-programma, bevestigt Light + Building bovendien haar rol als incubator voor nieuwe ideeën en innovatieve ontwerpbenaderingen.
De rode draad doorheen Light + Building 2026 is duidelijk: de gebouwde omgeving evolueert naar een geïntegreerd systeem waarin energie, technologie en ontwerp onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn. Gebouwen worden slimmer, flexibeler en interactiever, terwijl verlichting transformeert tot een intelligent en emotioneel sturend onderdeel van architectuur. De uitdaging voor architecten en ontwerpers ligt daarbij niet langer in het toepassen van afzonderlijke technologieën, maar in het integreren ervan tot coherente, duurzame en toekomstbestendige oplossingen.