Platform over architectuur, interieur- & landschapsarchitectuur

Architectuur met een verhaal – David Driesen en Eva Vanderborcht (dmvA) over reconversie, stedelijke ontwikkeling en maatschappelijke impact

Hoe geef je historische gebouwen een nieuw leven zonder hun identiteit te verliezen? In deze aflevering van Archicomm Dé Podcast praat Patrick Retour met David Driesen en Eva Vanderborcht van dmvA over reconversie, contextgedreven architectuur, participatie en stedelijke ontwikkeling. Aan de hand van projecten zoals De Wasserij in Gent, Residentie Bagardi in Mechelen, de Meurop-site in Rijmenam en Cultuurhuis nOna vertellen ze hoe architectuur kan bijdragen aan leefbare steden en sterke buurten. Een boeiend gesprek over minimalisme met maximale impact, maatschappelijke verantwoordelijkheid en gebouwen die een verhaal vertellen.

Transcriptie

[00:03] Introductie van de gasten

Patrick Retour: Hallo, dag iedereen. Van harte welkom bij de dertiende aflevering van Archicomm Dé Podcast. Mijn naam is Patrick Retour en ik ben zoals steeds jullie host en moderator van dienst voor deze podcastopname van Archicomm. Ook ben ik redacteur voor het magazine Archicomm. Daar passeren heel wat architecten de revue in mijn rubriek Architect en Project. Die nodig ik dan ook uit voor de opname van de podcast. Vandaag zijn dat twee architecten uit Mechelen, van een architectenbureau dat daar gevestigd is. Zij creëren architectuur waarin gebouwen verhalen vertellen. Het zijn dus niet alleen architecten en bouwmeesters, maar ook meesterlijke storytellers. Daar gaan wij geboeid naar luisteren. We zijn benieuwd welke verhalen ze hebben meegebracht. We heten welkom: David Driesen en Eva Vanderborcht van dmvA uit Mechelen. Eva en David, welkom.

David Driesen: Dank je.

[00:56] Het ontstaan van dmvA

Patrick Retour: David, je hebt samen met Tom aan de wieg gestaan van dmvA, zo’n dertig jaar geleden. Jullie hebben de eerste steen gelegd. Hoe is dat in de begindagen in zijn werk gegaan?

David Driesen: We hebben elkaar leren kennen tijdens een postgraduaat Monumentenzorg in Antwerpen. Ik vertel dat verhaal altijd graag. De opleiding bestond eigenlijk uit twee jaar. Het eerste jaar was eerder theoretisch en in dat eerste jaar hebben we nooit één woord tegen elkaar gezegd.

Patrick Retour: Maar ineens zaten jullie toch op dezelfde golflengte?

David Driesen: Nee, eigenlijk nog niet. Dat is pas in het tweede jaar ontstaan. We kregen toen een werkveld toegewezen: een oud vakantiekamp van de socialistische mutualiteiten in een kasteel. Dat was een ideale testcase. We hebben daar veel weekends doorgebracht. Het was een heel plezante tijd. Daar is eigenlijk ons verhaal begonnen. Ik liep toen ook stage bij Pfeiffer & Van Goey in Lier, waar ik architectuur op een vernieuwende manier leerde beleven. Met Tom ben ik daarover in gesprek gegaan. Dat was iets helemaal anders dan waar we met monumentenzorg mee bezig waren. Uiteindelijk zijn daar rond 1997 de eerste gezamenlijke projecten uit voortgekomen.

[02:27] De eerste jaren en de evolutie van het bureau

Patrick Retour: Het knappe is dat jullie vaak kiezen voor reconversie van sites. Dat is een knipoog naar het verleden, gecombineerd met een moderne visie op de toekomst. Uiteindelijk ontstaat telkens een project dat een verschil maakt voor mens en maatschappij. Dat vind ik er zo knap aan.

David Driesen: In het begin hebben we dat inderdaad heel vaak gedaan. Dat kwam ook omdat we geen werk hadden. We kenden niemand.

Patrick Retour: Samen een bureau starten, je moet het ook maar doen.

David Driesen: Ja. In het begin probeer je je eigen verhaal te schrijven. Dat is toen heel sterk geëvolueerd naar een vorm van beeldarchitectuur, om je een beetje schreeuwerig op het veld te zetten. Dat is op een bepaald moment ook gelukt. Daarna zijn we steeds meer projecten in de stad gaan doen, ook meer reconversies. Daar zit inderdaad een knipoog in naar de monumentenzorg, al heeft dat voor ons nooit betekend dat we puur restauraties wilden doen, zoals bijvoorbeeld een kerk restaureren. Dat heb ik wel gedaan, maar dat is nooit het grote doel geweest. Er zat altijd het idee achter: we moeten hier iets anders proberen te doen. Zo bleef het ontwerpen voor mij ook plezierig.

Patrick Retour: Er zat altijd een kritisch antwoord in op sociaal, economisch en maatschappelijk vlak?

David Driesen: Ik denk dat dat er van bij het begin heeft ingezeten, bij het ene project meer dan bij het andere. Maar na dertig jaar, en zeker de laatste tien jaar, is dat nog veel sterker geworden. Ook dankzij de aanwezigheid van anderen op het bureau en de versterking van het kernteam. Eva en Christophe zijn al jarenlang een belangrijke motor binnen het kantoor. Daardoor zijn we nog bewuster dat maatschappelijk kritische aspect gaan benaderen.

[04:28] Vier bestuurders aan het roer

Patrick Retour: Dat brengt me bij Eva. Eva Vanderborcht, ook welkom hier in de studio van de Lauwers Media Group in Oostkamp, waar we al onze podcastafleveringen opnemen. Jij werkt inderdaad al een hele tijd samen met Christophe bij dmvA. Intussen hebben jullie de stap gezet naar het bestuur. Jullie zijn nu met vier architect-bestuurders aan het hoofd van het bureau. Dat moet voordelen bieden.

Eva Vanderborcht: Klopt. Christophe en ik hebben in de twaalf jaar dat wij ondertussen bij dmvA werken het kantoor zien groeien, zowel qua aantal medewerkers als qua schaal en complexiteit van de projecten. Daardoor ontstond de nood om, zoals David het zegt, mee aan de kar te trekken. Met vier kunnen we de projecten beter beheren en beheersen. Dat heeft geleid tot de bestuurdersrol waarin we vandaag zitten.

Patrick Retour: Opnieuw een stap richting de toekomst. Daar hou jij wel van.

Eva Vanderborcht: Absoluut.

[05:22] Waarom architectuur?

Patrick Retour: Even terug in de tijd. Hoe ben je ooit in het beroep van architect gerold? Ben je meteen bij dmvA begonnen als stagiair of heb je eerst elders ervaring opgedaan?

Eva Vanderborcht: Ik heb eerst een jaar stage gedaan bij Jo Taillieu Architecten in Leuven. Maar het idee om architect te worden zat er al van jongs af aan in. Ik was altijd gefascineerd wanneer ik ergens een woning binnenkwam. Ik vroeg me telkens af wat het potentieel van zo’n plek was.

Patrick Retour: En vanwaar die klik met Tom en David? Hoe komt het dat je je bij dmvA meteen thuis voelde?

Eva Vanderborcht: Ik kende hen al tijdens mijn opleiding. Hun reputatie ging hen vooraf. Zoals David ook zei, waren het toen vooral de iconische projecten die sterk op beeldarchitectuur inzetten. Dat was bekend binnen de opleiding en voor mij een belangrijke motivatie om er aan de slag te gaan.

[06:15] De samenwerking tussen Tom en David

Patrick Retour: Nog even terug naar jou, David. Hoe is die rolverdeling tussen jou en Tom ontstaan? In het begin was er nauwelijks contact, maar plots was er die klik.

David Driesen: Dat is eigenlijk vanzelf ontstaan. Gewoon door samen op te trekken, plezier te maken en goede vrienden te worden. Na dertig jaar zijn we nog altijd vrienden, al is die vriendschap vandaag anders dan vroeger. In het begin waren we met twee en deden we alles samen. We ontwierpen ook alles samen. Dat is heel lang zo gebleven. We werkten bijna zeven dagen op zeven. Als ik daar nu op terugkijk, was dat eigenlijk niet gezond. Maar de zaterdag was onze heilige dag. Dan zaten we altijd samen te ontwerpen. Dat was eigenlijk de plezantste dag van de week.

Patrick Retour: Heilig, maar ook om te werken.

David Driesen: Ja, maar vooral om ideeën uit te wisselen en te brainstormen. Dat kun je natuurlijk niet blijven volhouden. Je groeit als bureau en dan heb je mensen nodig. Architectuur is een teamsport. In het begin was het misschien vooral Tom en ik, maar vandaag is dat helemaal anders.

Patrick Retour: Jullie zijn ondertussen met vijftien.

David Driesen: Inderdaad. Voor mij is architectuur een teamsport. Tijdens je opleiding lijkt het soms alsof je jezelf als individu moet bewijzen, maar achteraf besef je dat je alleen eigenlijk nooit veel realiseert.

Patrick Retour: Alleen kun je niet veel realiseren.

David Driesen: Dat gebeurt eigenlijk ook bijna nooit. Achter elk goed bureau staat een sterk team.

[08:12] Expressieve architectuur met maatschappelijke betekenis

Patrick Retour: Met vier bestuurders aan het roer mogen we van dmvA nog heel wat verwachten. Straks bespreken we een aantal projecten zodat de luisteraars een beeld krijgen van jullie werk. Dat werk wordt vaak omschreven als expressief en nauwgezet, waarbij het maximale wordt bereikt via minimalisme. Minimalistische architectuur met maximale impact. Daar zit veel betekenis in.

David Driesen: Dat is eigenlijk ontstaan vanuit die beeldarchitectuur. Tom en ik zijn opgeleid in een heel andere tijd dan waarin ik vandaag zelf lesgeef. Tijdens mijn opleiding heb ik zowat alle stromingen zien passeren: postmodernisme, vernieuwend modernisme, minimalisme en deconstructivisme. Ik heb dat allemaal meegemaakt. Daardoor vond ik toen ook niet meteen mijn eigen richting. Pas in de loop der jaren heeft dat zich gevormd tot een eigen visie en uitspraak.

Patrick Retour: Dus de opleiding architectuur is ten goede geëvolueerd, mede dankzij mensen uit de praktijk?

David Driesen: Dat heeft ook te maken met maatschappijkritiek. Vandaag moeten we op een heel andere manier met architectuur omgaan. We spreken vaak over duurzaamheid, maar voor mij is het sociale aspect minstens even belangrijk geworden. Zeker als het gaat over kwaliteit in de stad.

[10:19] Architectuur als motor voor sociale dynamiek

Patrick Retour: Jullie zorgen vaak voor dynamiek in een stad, Eva. Jullie geven een buurt een nieuwe drive en zwengelen het sociale leven aan. Dat is heel belangrijk binnen jullie projecten, vaak vertrekkend vanuit het buurtleven.

Eva Vanderborcht: Klopt. Dat is een heel belangrijke laag in onze projecten geworden. Contextgebonden architectuur interpreteren wij vrij ruim. Dat gaat niet alleen over de gebouwde context, maar ook over de sociale dynamiek die een plek kent.

Patrick Retour: Zo ontstaat architectuur die breed gedragen wordt en waar mensen enthousiast over zijn, in plaats van dat er protest ontstaat.

Eva Vanderborcht: Inderdaad. In de projecten waar we die kans krijgen, proberen we ook een sterk participatief traject op te zetten. We nemen de buurt mee in de vorming van het project, waardoor het draagvlak veel groter wordt.

[11:11] Dialoog en samenwerking

Patrick Retour: Dat maakt het er niet eenvoudiger op, David. Zoveel mensen betrekken vraagt toch compromissen. Jullie staan bekend als koppige architecten die hun visie verdedigen, maar uiteindelijk moeten alle partijen overtuigd raken.

David Driesen: Dat hopen we altijd. Of dat ook altijd lukt, is iets anders. We doen daar ons uiterste best voor.

Patrick Retour: Jullie staan wel open voor andere ideeën.

David Driesen: Absoluut. Ik sta open voor alles. Uiteindelijk wordt een project pas beoordeeld wanneer het er staat. Je kunt vooraf veel uitleg geven, maar uiteindelijk moet een gebouw zichzelf bewijzen.

Patrick Retour: Soms lijkt een ontwerp op het eerste gezicht niet logisch, maar achteraf blijkt het toch betekenis te hebben.

David Driesen: Ja. Vandaag is dat bovendien veel moeilijker dan dertig jaar geleden, toen ik nog in een ander bureau werkte. Alleen al door de wetgeving. Ook de buurt maakt het niet eenvoudiger om vandaag architectuur te realiseren. Zeker in stedelijke context is dat een uitdaging. Bovendien zijn de schaal en de manier van bouwen sterk veranderd. De grote uitbreidingsprojecten uit de jaren zeventig en tachtig zijn verdwenen. Vandaag werken we veel fijnmaziger, met kleinere ingrepen. Dat brengt architectuur opnieuw dichter bij de schaal van de mens. Soms is de overheid daarbij een moeilijke partner, maar soms ook terecht.

Patrick Retour: Toch werken jullie vaak samen met overheden. Dan moet je steeds tot een overeenkomst komen.

David Driesen: Daarom is dialoog zo belangrijk. Ik merk dat die dialoog de laatste jaren, zeker sinds corona, minder vanzelfsprekend is geworden. Terwijl het net omgekeerd zou moeten zijn. Architecten worden te vaak als tegenpartij gezien tegenover de overheid. Nochtans zijn we allemaal professionals. De ene doet het misschien beter dan de andere, maar goede architectuur ontstaat door naar elkaar te luisteren. Doe je dat niet, dan kom je nooit tot een echte dialoog. Doe je dat wel, dan krijg je betere architectuur.

Ik denk bijvoorbeeld aan wat we de voorbije dertig jaar in Mechelen gerealiseerd hebben. Dat zijn bijna allemaal kleinere projecten. Die maken voor mij echt het verschil in een stad. Niet de iconen zoals de bibliotheek of Museum Hof van Busleyden — dat zijn fantastische gebouwen — maar net die kleinere ingrepen maken een stad leefbaar. Iedereen die ik door Mechelen rondleid, voelt dat ook. Dat geeft me na dertig jaar nog altijd voldoening.

[14:48] Erkenning en architectuurprijzen

Patrick Retour: Het is een mooi succesverhaal. Jullie wonnen al heel wat prijzen. Atelier kreeg de Iconic Award 2020, Huis van Lorijnen won de FEBE Elements Award 2019 en Theater Hoge Rielen leverde jullie de Gold Erich Mendelsohn Award for Brick Architecture 2023 op. Maar jij hebt het ook graag over nominaties. Ook die betekenen waardering. Je hoeft niet altijd te winnen.

David Driesen: Dat is zoals in de sport. Uiteindelijk is degene die als eerste over de streep komt de winnaar. Maar als ik vandaag terugkijk, besef ik dat die nominaties eigenlijk al bijna vanaf het begin van ons bureau aanwezig waren.

Neem bijvoorbeeld de interventie die we deden voor nOna met de oefenzalen. Daar ben ik intussen al bijna zesentwintig jaar mee bezig. In de architectuur moet je dus ook geduld hebben.

Patrick Retour: Daar komen we straks nog op terug.

David Driesen: Dat project is rond 2003 gestart, toen we nog maar vijf jaar bezig waren. Vanaf dat moment is bijna elk project ergens genomineerd geweest, zowel in binnen- als buitenland. Dat betekent dat er een vorm van waardering is waarvan je je zelf niet altijd bewust bent.

De eerste keer voelt dat fantastisch. Dan denk je: “Wauw, we hebben iets bereikt.” Later ebt dat gevoel wat weg.

Patrick Retour: Maar het doet nog altijd deugd.

David Driesen: Natuurlijk. Vandaag zie ik die erkenning vooral als iets van het hele team en niet van één individu. In 2005 wonnen we de Belgische Architectuurprijs. Dat was echt een eerste belangrijk kantelpunt.

Maar misschien is een van de mooiste herinneringen nog wel een heel naïeve. We hadden geen grote achtergrond. We hadden allebei ook geen stage gelopen bij een bekende architect.

Patrick Retour: Jullie zijn meteen zelfstandig begonnen.

David Driesen: Inderdaad. We zijn vrijwel onmiddellijk gestart. We deden veel wedstrijden. Eén van de eerste was in Lommel. We wonnen daar de eerste prijs in een anonieme wedstrijd. Toen de envelop werd geopend en mijn naam werd voorgelezen, vroeg iedereen zich af: “Wie is dat?” Alle grote namen uit de Belgische architectuur zaten daar. Wij kwamen als onbekenden binnen.

Achteraf zijn we zelfs nog buitengezet door de burgemeester, omdat we zogezegd geen bekende naam waren. Niet omdat we ons misdragen hadden, maar omdat we voor niemand iets betekenden. Toch was dat voor mij het echte begin van onze carrière. Toen besefte ik dat het ook anders kon.

[18:29] De Wasserij in Gent

Patrick Retour: Eva, laten we naar De Wasserij in Gent gaan. Daar kiezen jullie resoluut voor toegankelijkheid en verbinding. Vertel eens het verhaal achter die site. Zijn de werken ondertussen afgerond?

Eva Vanderborcht: Ja, de werken zijn in maart afgerond, dus heel recent.

Patrick Retour: Wat is het verhaal achter die plek?

Eva Vanderborcht: Het ging om een voormalige industriële wasserijsite, midden in een volledig volgebouwd bouwblok. We zijn daar gestart zonder een heel concreet programma. De enige voorwaarde was dat het een buurtgerichte functie moest krijgen, liefst met een creatieve en innovatieve invulling.

Daarna volgde vooral een uitgebreid participatief traject met de buurt. Tijdens verschillende workshops hebben we de wensen van de buurt in kaart gebracht en onderzocht hoe zij naar die plek keken. Vervolgens zijn we vertrokken vanuit de identiteit van de site. De kenmerkende elementen van de wasserij hebben we behouden.

Een tweede belangrijke ingreep was het ontpitten van het binnengebied. We hebben dat opnieuw open gemaakt zodat er buitenruimte ontstond, iets waar de buurt echt nood aan had. Daarnaast realiseerden we een informele doorsteek tussen twee straten, waardoor de plek opnieuw verbonden werd met de omgeving.

Patrick Retour: Die site is echt doorwaadbaar. Niet alleen buiten, maar ook via een binnenstraat. Minder waardevolle gebouwen zijn verdwenen, waardoor er ruimte ontstond voor groen en openheid. Wat wel waardevol was, zoals de wasserij zelf, bleef behouden. Zo ontstaat wat jullie littekenarchitectuur noemen: een knipoog naar het verleden waarbij een tweede leven begint.

Eva Vanderborcht: Klopt. Er waren heel wat waardevolle elementen aanwezig: een negentiende-eeuws herenhuis, een industrieel wasserijgebouw met een indrukwekkende betonstructuur, modernistische gevels, een waterciterne en een industriële schouw die herinnerden aan de vroegere activiteit op de site.

Die historische elementen hebben we gecombineerd met nieuwe ingrepen volgens wat wij littekenarchitectuur noemen. De nieuwe elementen staan naast de historische en gaan met elkaar in dialoog, zonder elkaar te verdringen. Beide blijven duidelijk leesbaar aanwezig.

Patrick Retour: Die plek spreekt enorm tot de verbeelding. Het lijkt me echt een nieuwe place to be in Gent.

Eva Vanderborcht: Dat hopen we ook.

Patrick Retour: Ik wil er zeker eens naartoe, de buurt leren kennen, met mensen praten en er iets drinken. Dan maak ik zeker een foto en koppelen we nog eens terug.

Eva Vanderborcht: Deze zomer gaat de site effectief open.

[21:34] Residentie Bagardi – Mechelen

Patrick Retour: David, met jou ga ik graag eens even in gedachten naar Residentie Bagardi. Dat is in Mechelen, in de binnenstad. Dat is de voormalige ziekenhuissite De Voorzorg. Er ligt een vertakking van de Dijle. Daar is een prachtige gevel bewaard gebleven. Die is geïntegreerd in een nieuwer geheel. Zo mag ik het zien?

David Driesen: Zo mag je het zien. Die plek heeft op zich een specifiek en eigen verhaal. We zitten daar tussen Scheppers, een van de grote middelbare en lagere scholen in Mechelen, die die bouwblokken rond de Melaan beheersen. Dit is een achterliggend stuk daarvan. Dat sluit bijna direct aan op het Oud Begijnhof van Mechelen. Je krijgt daar de melange van iets heel grootschaligs dat overgaat naar iets heel kleinschaligs.

De site was helemaal volgebouwd met gebouwen voor de ziekenhuisfunctie die ze vroeger had. We hebben er heel lang over nagedacht: moeten we dat recupereren of niet? We hebben uiteindelijk beslist om dat niet te doen, omdat we strenge eisen hadden van de stad. Als je er iets deed, moest je ook parkeren voorzien. Daardoor moesten we het in vraag stellen. Bovendien had dat gebouw een veel te grote impact op de kleinschaligere woongebouwen die daar stonden. Het was eigenlijk een geschenk om het af te breken en op zoek te gaan naar hoe je die schaalverandering kon aanbrengen en tegelijk gebruik kon maken van het bestaande gebouw van De Voorzorg, dat een geschiedenis heeft die teruggaat tot rond 1700.

Patrick Retour: Dat is een geklasseerde gevel?

David Driesen: Nee, dat is het vreemde. Door de tijd heen is daar veel te veel aan verbouwd. De grote kenmerken van dat gebouw zijn eigenlijk die gevel en de L-vorm van de Voorzorgvleugel. Dat heeft ons ook wat geknepen, omdat we vlak bij het Begijnhof zitten. Wat is een Begijnhof? Je hebt daar verschillende soorten in, maar dat van Mechelen wordt gekenmerkt door het doorwaden van kleine straatjes. Die theorie hebben we proberen te vertalen vanuit het verhaal van de oude Begardenstraat, om van daaruit een stegenarchitectuur te maken die de inkom vormt van al die gebouwen. Daar zit een melange in van een vijftiental entiteiten die allemaal verschillend zijn.

Patrick Retour: De gevel krijgt zijn eerbetoon en voor de rest is het meteen een hedendaags Begijnhof, waar het echt tot rust komen zal zijn.

David Driesen: Ja. Dat grote gebouw dat in het binnengebied stond, hebben we weggenomen in functie van de parking die eronder moest komen. Daarbij hebben we een knipoog gemaakt naar een ander project dat we ooit in de stad hebben gedaan. Dat was een oude beddenfabriek, later een matrassenfabriek. Tijdens het opmeten stelden we vast dat er een historisch gebouw op stond. Dat bleek een zomerhuis te zijn. Dat is eigenlijk het tegenovergestelde van vandaag. Vandaag trekken we de stad uit. Tweehonderd jaar geleden gingen mensen net naar de stad. Dat gebeurde binnen een ommuring, met een gebouw erin.

Patrick Retour: Hebben jullie nu misschien een beetje vakantiegevoel gecreëerd in de stad?

David Driesen: Dat hebben we er wel degelijk in gestoken. Als je er komt, heb je dat gevoel. Door de goede synergie met de natuur die door de landschapsarchitect is ingebracht, krijg je dat ook. De knipoog naar dat zomerhuis zijn uiteindelijk vier zomerhuizen geworden in het binnengebied. Binnen die ommuring krijgen die een eigen kwaliteit.

De koppeling tussen de historiek en de andere woningen zit in de dynamiek die we gezocht hebben, via steegjes en doorgangen. Dat historische pand had een L-vorm. Als je dat langs de buitenkant ziet, doet het denken aan een gebouw waar je vroeger met de koets doorreed naar een binnenkoer. Die sfeer hebben we in alle facetten van het project proberen te verwerken, zodat elke plek in dat hoofdvolume dat gevoel heeft. Je voelt tegelijk de schaal van de naastliggende gebouwen én de kleinere schaal die teruggebracht wordt naast die grote gebouwen, in interactie met het binnengebied.

Patrick Retour: Voor alle duidelijkheid: dit is helemaal klaar?

David Driesen: Ja, dat is allemaal afgewerkt.

[26:44] Meurop – Rijmenam

Patrick Retour: We gaan nu naar iets dat in aanbesteding zit. We hebben jullie ook gepresenteerd tijdens wat wij noemen Meet the Architect. Daar slaan we bruggen tussen architecten en bouwondernemingen om te kijken of samenwerking mogelijk is. Dan heb ik het met jou, Eva, over de voormalige industriële site Meurop in Rijmenam. Daar zijn vier architectenbureaus aan het werk om elk een deel te ontwikkelen. Wat gaan jullie juist doen?

Eva Vanderborcht: Wij gaan enerzijds een aantal woningen realiseren aan een groene woonstraat.

Patrick Retour: Achteraan is er een gemeenschappelijke tuin?

Eva Vanderborcht: Klopt. Achter de woningen komt een gemeenschappelijke tuin, waar ook de ontsluiting van de tuinen en de fietsenbergingen aan gekoppeld is. Zo creëren we een extra kwaliteit voor die woningen.

Een tweede deel van het project zijn twee Dijlevilla’s, meer gericht naar het groen in een parkomgeving.

Patrick Retour: Wanneer zou dat ongeveer afgerond worden?

Eva Vanderborcht: Vermoedelijk ten vroegste in 2029. Dus we kijken nog even vooruit.

David Driesen: Ik wil daar nog iets aan toevoegen. De Meurop-site is een historische site. Ze vertelt het verhaal van de groei van meubelfabriek Meurop in de jaren zeventig. Dat was eigenlijk de IKEA van toen. Ze maakten geweldige meubels. Dat was design voor iedereen. Jammer genoeg is de fabriek afgebrand, waardoor ze in financiële moeilijkheden kwam en de site bijna dertig jaar leeg stond.

Voor mij heeft die plek ook een emotionele betekenis. Mijn petekind is daar door het dak gevallen en overleden. Toen men mij vroeg om eraan mee te werken, heb ik lang getwijfeld. Uiteindelijk heb ik beslist om het wel te doen, omdat het ook een positief eerbetoon kon worden.

Dat bestaande gebouw wordt door POLO Architects uitgewerkt en vormt het anker van het project. De rest wordt zo veel mogelijk op schaal van de natuur en van Rijmenam zelf ontwikkeld. Het is een gigantisch project voor het dorp.

Patrick Retour: En al die architectenbureaus moeten ook samenwerken.

David Driesen: Ja, maar dat is eigenlijk heel vlot verlopen. Het moet niet altijd complex zijn. Omgeving heeft op stedenbouwkundig niveau de basis gelegd. Daardoor werd samenwerken ook gemakkelijker.

Eva Vanderborcht: Er zit ook een belangrijke gradiënt in het project. Aan de kant van het dorp is de schaal kleiner. Daar situeren zich de rijwoningen aan de woonstraat. Naar het achterliggende groengebied gaan we naar een iets grotere schaal met de Dijlevilla’s. Zo sluiten we goed aan op het dorp en kunnen we toch een behoorlijke woondensiteit creëren, op maat van Rijmenam.

[30:15] Cultuurhuis nOna

Patrick Retour: En zo zijn alle woonvormen in harmonie met elkaar. Mooi. We gaan ook nog naar Cultuurhuis nOna. Daar hebben we het al over gehad. Daar zijn jullie al een tijd aan de slag. Dat wordt nu klaargestoomd voor de 21e eeuw met een laatste fase, of een voorlaatste fase. Wat denk je daarvan?

David Driesen: Ik ben daar, zoals ik daarnet zei, al zesentwintig jaar mee bezig. Er zijn twee projecten in mijn leven die zo lang beslag hebben genomen. Dat zijn Museum Hof van Busleyden en nOna. Die hebben allebei zesentwintig jaar van mijn leven ingenomen.

Patrick Retour: Dat is echt een levenswerk.

David Driesen: Ja, maar dit nog meer. De eerste fase van nOna heb ik samen met Axel, die toen zakelijk leider was, echt proberen realiseren. We hebben iedereen proberen te overtuigen om dat project mogelijk te maken. Dat was eigenlijk het vervolg op het inbeslagnameproject van 2003, waarmee we genomineerd waren. Dat is uiteindelijk op die site terechtgekomen.

Het was een superboeiend traject, maar het heeft lang geduurd voor we het konden realiseren. Nu zitten we aan de historische zaal. Dat is de zaal waar het allemaal voor nOna begonnen is, als theaterzaal. Die is begin jaren negentig een beetje verbouwd.

Patrick Retour: Het is een negentiende-eeuwse zaal die jullie omvormen tot een nieuwe speelzaal voor theater, dans en muziek. Uiteindelijk is het doel een plek te creëren waar cultuurlievend Vlaanderen, iedereen die van cultuur houdt, zich thuis voelt.

David Driesen: Met de nieuwbouw die we eerder gerealiseerd hebben, hebben we de eerste stap gezet. We hebben daar niet echt één gebouw gemaakt, maar eerder kamers, buitenkamers die overgaan in binnenkamers. Daardoor hebben we geprobeerd de kwaliteit van stedelijke kamers zichtbaar te maken. Wat je op de schaal van een plein ziet, wilden we ook op de schaal van een kamer laten werken: een plek waar mensen elkaar ontmoeten en vervolgens verder doorstromen.

Nu gaan we het bestaande gebouw aanpakken. Dat is vandaag volledig volgebouwd. Het heeft zelfs een veel oudere kern. Het is een breedhuis uit de bloeiperiode van Mechelen in de zestiende eeuw, met daarachter die negentiende-eeuwse zaal, die eigenlijk een beetje een mengeling van stijlen is. Die zaal voldoet vandaag totaal niet meer aan de hedendaagse eisen voor theater.

Het belangrijkste dat we gaan realiseren, is de kern tussen die gebouwen. Dat was vroeger een binnenkoer, maar die is volledig volgebouwd. We gaan die opnieuw ontpitten. Ze wordt wel overdekt, maar het wordt opnieuw een plek waar ontmoeting centraal staat. Zo willen we mensen nog meer in contact brengen met cultuur, maar ook mensen die toevallig passeren mee naar binnen trekken.

[33:32] Trouw blijven aan het DNA van dmvA

Patrick Retour: Zo wordt Cultuurhuis nOna opnieuw een riem onder het hart van de stad Mechelen. En zo schrijft dmvA alweer mee aan een mooi verhaal, waar mijn hart warm van wordt.

Tot slot nog even terug in de tijd. Jullie zijn ooit begonnen met iconische realisaties zoals The Blob, de oefenzalen van nOna en Sporthal KA Heist. Daarna kwam er een gestage evolutie naar grotere uitdagingen: Museum Hof van Busleyden, het Lorettenklooster en diverse culturele, educatieve en residentiële projecten.

Die schaalvergroting brengt natuurlijk extra uitdagingen en verantwoordelijkheden met zich mee. Maar wat mij opvalt, is dat jullie altijd trouw blijven aan het DNA van dmvA. Dat lijkt mij niet eenvoudig.

David Driesen: Ik hoop dat we dat kunnen blijven bewaken. Dat is niet simpel. Ik heb ooit iets gehoord van de voormalige Vlaamse Bouwmeester Bob Van Reeth. Hij zei in het begin van onze carrière: “Je moet je nooit aanpassen. Blijf gewoon doen wat je doet, want dat is anders dan anders.”

Dat is mij altijd bijgebleven. Zodra je je gaat aanpassen aan de anderen, ga je eigenlijk verloren. Blijf gewoon wie je bent. Dat is het belangrijkste.

Patrick Retour: Jullie doen dus vooral wat jullie zelf willen doen, hoe jullie als architect geaard zijn. Maar het heeft ook succes. Het valt in de smaak. Dat is natuurlijk nog iets anders.

David Driesen: Dat is inderdaad nog iets anders. Maar dat mag niet het uitgangspunt zijn. In het begin van onze carrière was dat misschien wel zo, omdat je jezelf op de kaart moest zetten. Vandaag mag succes niet langer de drijfveer zijn. Succes moet ten dienste staan van iets anders.

Voor mij is dat zo. Misschien kijkt Eva daar anders naar.

Eva Vanderborcht: Nee, mij raakt dat ook het meest. Als je ziet dat een project echt een impact heeft op de gebruikers en op de buurt errond, daar haal ik de meeste voldoening uit.

Dat beeld waarmee dmvA ooit gestart is, blijft belangrijk. We willen kwalitatieve architectuur maken. Maar als ik vandaag een rode draad zie door de projecten die we besproken hebben, dan is het vooral het creëren van doorwaadbaarheid in een stedelijke context en het verankeren van projecten in hun omgeving. Dat is een bijkomende laag die doorheen de jaren is ontstaan en die we ook in grotere projecten willen blijven meenemen.

[36:45] Afsluiting

Patrick Retour: Ik denk dat dat mooi is om mee af te ronden. Bedankt dat jullie onze gasten wilden zijn. David Driesen en Eva Vanderborcht van dmvA uit Mechelen.

Jullie zijn knappe storytellers, maar natuurlijk ook knappe architecten. Dat nemen wij zeker mee. We volgen die verhaallijn richting de toekomst. Allicht komt er aan elk project een happy end. Misschien zelfs een cliffhanger, waarna we uitkijken naar het volgende seizoen.

Zo blijven we volgen wat dmvA met zijn architectuur naar de wereld brengt. Iets om naar uit te kijken en om van te blijven genieten.

Jullie thuis, bedankt om te luisteren. En je weet het: ik kom gauw retour voor een volgende aflevering van Archicomm Dé Podcast.

Tot genoegen. Daag.

Gerelateerde video's

"*" geeft vereiste velden aan

Dit veld is bedoeld voor validatiedoeleinden en moet niet worden gewijzigd.

Stuur ons een bericht

Wij gebruiken cookies. Daarmee analyseren we het gebruik van de website en verbeteren we het gebruiksgemak.

Details

Kunnen we je helpen met zoeken?

Bekijk alle resultaten